Wat Klopt vindt

Vier soorten fouten in vrije tekst. Elk voorbeeld is echte uitvoer.

Werkwoorden en onderwerp

d, t of dt, de verleden tijd, het voltooid deelwoord, het hele werkwoord, en of de persoonsvorm bij het onderwerp past. Ook sterke werkwoorden en de plaats van de persoonsvorm.

  • Wordt jij ook moe?Word
  • Het is gisteren gebeurt.gebeurd
  • Wij verhuisde vorig jaar.verhuisden
  • Hij loopte naar huis.liep
  • Gisteren ik reed met mijn tante naar Groningen.reed ik

Woorden die op elkaar lijken

Woorden die vaak verwisseld worden, waarbij de zin zegt welk woord het moet zijn.

  • Hij is groter als ik.dan
  • Ik ga met jou fiets naar school.jouw
  • Me moeder zegt dat het mag.Mijn
  • Er loopt een bruin paart door de wei.paard

Spelling van gewone woorden

Een woord dat niet bestaat en maar één verbetering heeft. Heeft het er meer, dan zwijgt de controle.

  • Ik vind het tog wel leuk.toch
  • Wij hebben een wite muur.witte
  • Wij hebben gisteren op het voetbal veld een wedstrijd gespeeld.voetbalveld

Hoofdletters en leestekens

Alleen wat zeker is. Komma's meldt de controle alleen waar de regel vastligt, en een appje zonder punten blijft met rust als het platform dat zo instelt.

  • We gingen naar huis. daar was niemand.Daar
  • We hebben op Maandag een toets. Ik heb er zin in.maandag
  • Als het morgen de hele dag regent blijven we binnen.regent, blijven

Hint

Alleen wat er mis is.

Regel

De schoolregel in stappen, zonder de verbetering.

Oplossing

Ook de verbetering. Leren of compenseren: jij kiest per leerling.

Wat het niet is

  • Geen schrijfhulp. Het herschrijft niets en stelt geen zinnen voor.
  • Geen woordkeus, stijl of inhoud. Of de tekst goed loopt, beoordeelt het niet.
  • Geen vervanging van een docent. Geen cijfer, en het zegt niet wat een leerling beheerst. De uitleg is nog niet door een docent nagekeken.
  • Niet volledig. Het mist fouten, ook binnen het eigen bereik. Een bestaand woord dat een ander woord had moeten zijn, ziet het lang niet altijd.
  • Niet gemeten op tekst met veel fouten per zin. Belangrijk bij dyslexie. Alleen 98 proefzinnen met 10–20 % niet-woorden kregen geen onterechte melding, en die schreef een taalmodel.
  • Beperkt bij NT2. Woordkeus en een deel van de woordvolgorde vallen erbuiten.

Waar het bewust zwijgt

  • Twee vormen die allebei goed zijn: “een aantal kinderen speelt” of “spelen”, “alles dat” of “alles wat”.
  • Komma's die een keuze zijn. Alleen waar de regel vastligt.
  • Hoofdletters en punten in een appje, tenzij het platform erom vraagt.
  • Spelfouten met meer dan één verbetering. Dan gokt het niet.
  • Een onderwerp dat niet zeker is. Soms geeft het twee vormen, met wanneer welke klopt.